Een duurrit.
De klim van 1,3 km op 4 procent is uitgelicht. De rit lag tussen 8 en 63 meter.
Deze rit naast je eigen andere ritten van dezelfde soort (buiten of binnen). Er staat alleen wat opvalt, het belangrijkste eerst, en hoogstens vijf punten, met bovenaan het verloop van de rit (een klim, de afdaling erna, een eindsprint) of de opbouw van de training; bij een gewone rit blijft het dus kort. Zegt een punt dat iets past of verwacht is, dan is dat ook een uitkomst: dan is er niets aan de hand.
Je vermogen per kwart, en hoeveel watt elke hartslag opleverde.
Tussen 150 en 164 watt: het laatste kwart het hardst.
Van 0,99 in het eerste half uur naar 0,95 in het laatste.
Het beeld bovenaan is je vermogen door de rit heen. Elk stukje van het vlak heeft de kleur van de zone waarin je vermogen toen zat, met de zones van de drempel die toen was ingesteld. Het vermogen is eerst gladgestreken, over een minuut op de computer en twee op een telefoon, en een kleur wisselt pas als je een stukje over de grens zit (5 procent van je drempel); anders springt de kleur heen en weer zodra je rond een grens rijdt. De lijn is je hartslag, met de schaal rechts. Bij een training met werkblokken staan er staafjes, elk het gemiddelde over zijn stuk van de rit.
Watt per hartslag is je vermogen gedeeld door je hartslag. Zakt die reeks terwijl je vermogen gelijk bleef, dan kostte hetzelfde vermogen je steeds meer hartslagen. Dat hoort bij een lange rit, de vraag is alleen hoeveel. De as begint niet bij nul maar past bij de waarden, zodat je het zakken ziet; een verschil van 0,05 is al ruim vijf procent.
Deze rit naast je 76 andere binnenritten.
Elke stip staat op de plek van deze rit tussen je andere binnenritten: helemaal links is minder dan al je andere ritten, helemaal rechts meer. Het streepje in het midden is de helft. Bovenaan wat het hoogst scoort.
Op je ranglijst van binnenritten: plek 46 van 77 op genormaliseerd vermogen, plek 52 van 77 op watt per hartslag en plek 50 van 77 op intensiteit.
Een cijfer op zichzelf zegt weinig. Ontkoppeling loopt bijvoorbeeld vanzelf op met de duur van een rit. Daarom staat er bij gemeten naast verwacht steeds wat je op grond van de lengte en de zwaarte van deze rit mocht verwachten, geschat uit je eigen vergelijkbare ritten.
Past bij deze rit betekent: minder dan anderhalve keer de gewone spreiding van je eigen ritten naast de verwachting. Bij deze rit is dat bij ontkoppeling 2,6 procentpunt, bij je hartslag 4 slagen en bij watt per hartslag 0,04. Watt per hartslag schommelt van rit tot rit nogal (wind, warmte, hoe schokkerig je trapte), dus daar is die marge ruim.
Je meest vergelijkbare rit qua vermogen, zwaarte en lengte. Wat nog verschilt, gaat over jou en niet over de rit.
| 30 augustus | deze rit | verschil | |
|---|---|---|---|
| Genormaliseerd vermogenVermogen | 166 W | 163 W | -3 |
| RijtijdRijtijd | 1u 55m | 1u 51m | -4m |
| Gemiddelde hartslagHartslag | 156 slagen | 160 slagen | +4 |
| Watt per hartslagWatt per slag | 1,04 | 0,99 | -0,05 |
| Aerobe ontkoppelingOntkoppeling | 3,3% | 0,6% | -2,7 |
| Gemiddelde snelheidSnelheid | 28,1 km/u | 28,1 km/u | gelijk |
Zwift - Volcano Flat in Watopia, eerder. Bekijk die rit
Van je andere ritten van dezelfde soort lijkt Zwift - Volcano Flat in Watopia het meest op deze, qua genormaliseerd vermogen, intensiteit en duur. Er waren 37 ritten die genoeg leken om mee te doen; deze zat het dichtstbij. Doordat het soort rit dan bijna gelijk is, gaat wat er nog verschilt over jou en niet over de rit.
Bijna gelijk betekent: je hartslag scheelt hoogstens 3 slagen, watt per hartslag hoogstens 0,03 en ontkoppeling hoogstens 2 procentpunt. Scheelt er meer, dan noemt de kop het grootste verschil.